Luister hier naar onderstaand verhaal (via SoundCloud). Let op: kies voor de optie 'luisteren in browser'.
Cholera
Te zien in Museum Vrolik: Hier ziet u een fragment van de dunne darm aangedaan door cholera, afkomstig van de eerste of tweede cholera epidemie in Amsterdam, naast een fragment van een normale dunne darm. (Collectie Vrolik, vóór 1850)
Cholera is een infectieziekte die wordt veroorzaakt door de bacterie Vibrio Cholerae. Tegenwoordig is cholera in Nederland zeer zeldzaam, maar in de negentiende eeuw was het een belangrijke en veelvoorkomende ziekte. De mensen die in het verleden met de cholerabacterie in aanraking kwamen werden vaak ernstig ziek. Belangrijke symptomen waren braken, diarree en (extreme) uitdrogingsverschijnselen. Voor de ‘cholera-lijders’ waren de vooruitzichten slecht: meer dan de helft overleed, meestal binnen een paar dagen, maar soms zelfs binnen enkele uren. Lange tijd tastten medici in het duister wat betreft de snelle verspreiding en exacte oorzaken van de ziekte. De Engelse geneesheer John Snow ontdekte uiteindelijk in 1854 (na een grote uitbraak van cholera in Londen) de belangrijke rol van verontreinigd (drink)water. Toch duurde het nog tot het einde van de negentiende eeuw voordat zijn bevindingen breed werden erkend en er maatregelen werden genomen.
Hygiëne in de stad
Aanvankelijk wisten artsen dus nog niet precies wat cholera veroorzaakte en hoe het zich verspreidde. De behandeling werd dan ook vooral gebaseerd op traditionele medische inzichten. Zo probeerden artsen cholerapatiënten te behandelen met bijvoorbeeld warme baden, mosterdpappen op de huid en braak- en laxeermiddelen. Deze medische behandelingen waren niet effectief. Al snel werd duidelijk dat er een systematischere aanpak nodig was om de cholera te bestrijden. De ‘hygiënisten’, een groep vooruitstrevende en maatschappelijk betrokken artsen, zetten zich in voor de verbetering van de volksgezondheid en bestrijding van infectieziekten. Ze waren ervan overtuigd dat besmettelijke ziekten zoals cholera, vooral werden verspreid door slechte hygiënische omstandigheden: er kwam vervuild drinkwater uit putten, uitwerpselen en afvalwater stroomden door open riolen of werd in grachten geloosd, en woningen waren vies en overvol. De hygiënisten hielden zich met allerlei aspecten van de openbare gezondheidszorg bezig om de ‘zieke’ stad beter te maken. Aan het einde van de negentiende eeuw werden er concrete maatregelen genomen ter verbetering van de stedelijke hygiëne. Denk hierbij aan de aanleg van ondergrondse riolen en waterleidingen voor schoon (drink)water, het ophalen van afval, betere woningbouw en controle op de voedselkwaliteit. Deze maatregelen betekenden een grote stap vooruit voor de volksgezondheid.
De cholera in Amsterdam
Ook in Amsterdam kwamen er in de negentiende eeuw herhaaldelijk epidemieën van de cholera voor. De eerste uitbraak in 1832-1833 telde 1200 slachtoffers, in 1848-1849 vielen er 2273 slachtoffers, in 1855 ongeveer 1100. Bij de laatste grootschalige uitbraak in 1866 werden er wederom meer dan duizend slachtoffers vastgesteld. In de grafiek hieronder is te zien dat cholera vooral voorkwam in de zomermaanden. Dat komt omdat de cholerabacterie zich sneller vermenigvuldigde en verspreidde in warm water.
Kolerekaart
De kolerekaart (kolere verwijst naar cholera) visualiseert de verspreiding van sterfgevallen aan cholera in Amsterdam in 1866. Over het algemeen werden de arme buurten zoals de Jordaan en de Oostelijke Eilanden vaak harder getroffen dan de rijke wijken (Grachtengordel). Klik hier voor meer informatie over de kaart.
Vragen of opmerkingen? Laat het ons weten via nadeche.diepgrond@ru.nl
